Tweedemonitor / Kamervraag / Antwoord op vragen van de leden Van Helvert, Omtzigt en Voordewind over de inzet van Syrische rebellen door Turkije in de oorlog om Nagorno-Karabach



Antwoord op vragen van de leden Van Helvert, Omtzigt en Voordewind over de inzet van Syrische rebellen door Turkije in de oorlog om Nagorno-Karabach

Keywords:
Zaaknummer: 2020D43531

Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door de leden Van Helvert, Omtzigt (beiden CDA) en Voordewind (ChristenUnie) over de inzet van Syrische rebellen door Turkije in de oorlog om Nagorno-Karabach. Deze vragen werden ingezonden op 2 oktober 2020 met kenmerk 2020Z17816.

De minister van Buitenlandse Zaken,

Stef Blok

[Ondertekenaar 1]

[Ondertekenaar 2]

[Ondertekenaar 3]

[Ondertekenaar 4]

Antwoorden van de minister van Buitenlandse Zaken op vragen van de leden Van Helvert, Omtzigt (beiden CDA) en Voordewind (ChristenUnie) over de inzet van Syrische rebellen door Turkije in oorlog om Nagorno-Karabach

Vraag 1

Hoe beoordeelt u de berichtgeving dat Turkije Syrische rebellen inzet in de oorlog om Nagorno-Karabach, aan de zijde van Azerbeidzjan? [1]

Antwoord

Zoals medegedeeld in het verslag van de Europese Raad (Kamerstuk 2020Z19670), kan het kabinet inmiddels berichten dat Nederland het zeer waarschijnlijk acht dat Turkije militair betrokken is bij het conflict in en rond Nagorno-Karabach. De exacte aard van deze betrokkenheid kan vooralsnog niet worden vastgesteld. Daarnaast is het kabinet er inmiddels van op de hoogte dat Turkije inderdaad betrokken is bij de inzet van Syrische strijders aan Azerbeidzjaanse zijde. In algemene zin is bekend dat Azerbeidzjan en Turkije nauwe banden met elkaar onderhouden, waaronder samenwerking op militair terrein. Die samenwerking betreft onder andere gezamenlijke oefeningen en leveringen van militair materieel in de afgelopen jaren.

Vraag 2

Behoren tot de in de berichtgeving genoemde rebellengroeperingen, zoals de Sultan Murad Brigade, ook groeperingen die in het verleden non-lethal assistance (NLA) ontvangen hebben van Nederland?

Antwoord

In verband met herleidbaarheid naar de door Nederland gesteunde gematigde gewapende groepen, kan er in het openbaar niet worden ingegaan op eventuele betrokkenheid van voorheen door Nederland gesteunde gematigde gewapende groepen.

Vraag 3

Bent u bereid inzet van Syrische rebellengroeperingen in de oorlog om Nagorno-Karabach te veroordelen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord

Externe inmenging leidt eerder tot escalatie dan tot de-escalatie van het conflict. Mede op initiatief van Nederland heeft de Europese Raad zich op 1 oktober jl. daarom uitgesproken tegen elke externe inmenging en opgeroepen tot de-escalatie, staakt het vuren en de noodzaak om terug te keren naar de onderhandelingstafel. Deze oproep is door Nederland herhaald tijdens de Raad Buitenlandse Zaken van 12 oktober. Nederland heeft daarbij, conform de motie Van Helvert en Voordewind (gewijzigde motie 21501-02, nr. 2212) ook opgeroepen tot een onderzoek naar de rol van externe actoren in OVSE-verband. Deze oproep is eveneens herhaald richting de co-voorzitters van de OVSE Minsk Groep. Daarnaast wijs ik op de diverse verklaringen van de EU Hoge Vertegenwoordiger waarin de EU zich uitspreekt tegen externe inmenging. Dit geldt ook voor EU verklaringen binnen de OVSE en de Raad van Europa.


Vraag 4

Herinnert u zich uw antwoord Kamervragen over het bericht dat Turkije Syrische rebellen inzet in de strijd in Libië, waarbij u aangaf dat het "op dit moment onduidelijk is om welke strijders of groepen het gaat, wat hun achtergrond is en op welke wijze of door wie zij geworven en ingezet zouden worden"? [2]

Antwoord

Ja.

 
Vraag 5

Weet u inmiddels wel meer? Zo ja, bent u dan alsnog bereid, met de kennis van nu, vragen 10 t/m 15 te beantwoorden? Zo nee, waarom niet?

Antwoord

Het kabinet is er inmiddels van op de hoogte dat Turkije inderdaad betrokken is bij de inzet van Syrische strijders in Libië. Zie verder antwoorden 10 t/m 15.


Vraag 6

Als u het voor u op dit moment ook bij het oorlog om Nagorno-Karabach onduidelijk is om welke strijders of groepen het gaat, wat hun achtergrond is en op welke wijze of door wie zij geworven en ingezet zouden worden, bent u dan bereid om op zoek te gaan naar antwoorden op deze vragen, bijvoorbeeld door onderzoek te doen en te bepleiten, contact te zoeken met bondgenoten en uitleg te vragen van Turkije, helemaal gezien de uitspraak van de Turkse president Erdogan “Turkey will continue to stand with...Azerbaijan with all its resources and heart”? [3]

Antwoord

Nederland heeft conform de motie Van Helvert c.s. in de meest relevante gremia opgeroepen tot een onderzoek in OVSE-verband naar externe inmenging bij het conflict. Nederland blijft in contact met diverse internationale actoren om de zorgen daarover kenbaar te maken.

 
Vraag 7

Bent u bereid in contact te treden met Frankrijk, gezien de berichtgeving over de claim van de Franse president Macron dat Syrische strijders actief zijn in de oorlog om Nagorno-Karabach? [4]

Antwoord

Ja. Nederland staat in contact met diverse internationale actoren, waaronder Frankrijk als co-voorzitter van de OVSE Minsk Groep.

Vraag 8

Heeft Nederland, ook als lid van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (VN), kennisgenomen van het recente rapport van de onafhankelijke internationale VN-onderzoekscommissie naar Syrië, waarin de commissie aangeeft dat er redelijke gronden zijn om aan te nemen dat Syrische rebellen, waaronder de Sultan Murad Brigade, die voor Turkije in Noord-Syrië vochten, de oorlogsmisdaden van onder meer plunderingen, gijzeling, wrede behandeling en marteling, verkrachting en vernieling van cultureel bezit hebben begaan? Hoe beoordeelt u dit? Bent u bereid Turkije en/of de genoemde rebellengroeperingen ter verantwoording te roepen en te veroordelen? [5]

Antwoord

Ja, dit rapport is bekend bij het kabinet. Tijdens de Mensenrechtenraad is de deze kwestie in EU verband aan de orde gesteld. Ten tijde van het zogenaamde Afrin offensief, welke in januari 2018 aanving, is de Sultan Murad Brigade beschuldigd van mensenrechtenschendingen (zie ook TK 32 623, nr 2229 antwoord op vragen 278, 281, 289). Het schenden van mensenrechten en het plegen van oorlogsmisdaden wordt door het kabinet altijd veroordeeld, waarbij de schenders van mensenrechten ter verantwoording dienen te worden geroepen.


Vraag 9

Zijn er ‘rode lijnen’ die Nederland in het kader van het NLA-programma gesteld heeft, overschreden door Syrische rebellengroeperingen, bijvoorbeeld bij de aanval op en bezetting van Afrin, waarover de VN-onderzoekscommissie naar Syrië juist ernstige beschuldigingen uit?

Antwoord

Hoewel er tijdens de volledige duur van het programma werd gemonitord, zowel door de uitvoerders, onze bondgenoten als Nederland zelf, was het niet mogelijk – bijvoorbeeld vanwege een onveilige situatie in de gebieden waar de gematigde oppositie actief was - een monitoringssysteem op te zetten dat alle risico’s uitsloot. Zoals in antwoorden op feitelijke vragen aan uw Kamer gemeld, maakten berichten over mogelijke schendingen van het humanitair oorlogsrecht of mensenrechten ten tijde van het NLA programma, deel uit van de vetting en van contacten met de groepen. Hier zijn in voorkomende gevallen conclusies aan verbonden, zie ook TK 32 623, nr 184 (TK 32 623, nr 229). In verband met herleidbaarheid naar de door Nederland gesteunde gematigde gewapende groepen, kan er in het openbaar niet worden ingegaan op eventuele betrokkenheid van deze groepen bij het Afrin offensief van januari 2018. Uw Kamer is hierover (deels) vertrouwelijk geïnformeerd (TK 32 623 nr. 200, TK 32 623 nr 247).


Vraag 10

Bent u bereid alle door Nederland in het kader van NLA geleverde spullen terug te vorderen bij Syrische rebellengroeperingen die zich schuldig gemaakt hebben aan mensenrechtenschendingen, tot oorlogsmisdaden aan toe? Zo nee, waarom niet?

 
Vraag 11

Bent u bereid te eisen bij Turkije en richting Syrische rebellengroeperingen dat er geen door Nederland geleverde spullen ingezet worden in Libië en in de oorlog om Nagorno-Karabach? Zo nee, waarom niet?

Antwoord op vragen 10 en 11

In verband met herleidbaarheid naar de door Nederland gesteunde gematigde gewapende groepen, kan er in het openbaar niet worden ingegaan op eventuele betrokkenheid van voorheen door Nederland gesteunde gematigde gewapende groepen. Hoewel niet valt uit te sluiten dat er door Nederland geleverde NLA-goederen nog in gebruik zijn, zal het overgrote deel van de geleverde goederen, zoals voedselpakketten en medicijnen, zijn geconsumeerd. De gemiddelde levensduur van een voertuig in de Syrische context was naar schatting zes tot acht maanden (TK 32 623, nr. 229, TK 32 623, nr 294) . Na beëindiging van het NLA programma in 2018 is bovendien de monitoring van de goederen beëindigd, waardoor het traceren en terughalen van eventueel nog in gebruik zijnde goederen niet mogelijk is.


Vraag 12

Deelt u de opvatting van de Franse president Macron, die de oorlogsretoriek van Erdogan ‘onbezonnen en gevaarlijk’ noemt, en de door Erdogan bepleite verovering van Nagorno-Karabach door Azerbeidzjan onacceptabel? [6]

Antwoord

Het kabinet heeft conform de moties Karabulut (22501-02 nr. 2218), Voordewind cs. (35373 nr. 8) en Van Helvert cs. (22501-02 nr. 2216) de oorlogsretoriek van alle landen, waaronder Turkije, in EU verband veroordeeld, en zowel in EU als NAVO verband zorgen geuit over buitenlandse inmenging. Daarbij zijn alle landen, waaronder Turkije, opgeroepen om zich in te zetten voor het handhaven van het staakt-het-vuren en een terugkeer naar de onderhandelingstafel onder auspiciën van de OVSE Minsk Groep.

Vraag 13

Bent u bereid de agressieve houding van Turkije richting naburige landen, waaronder EU- en NAVO-lidstaten, te veroordelen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
De Europese Raad heeft zich op 16 oktober jl. uitgesproken over unilaterale en provocerende acties door Turkije in de Oostelijk Middellandse zee en heeft het land opgeroepen zich structureel in te spannen voor het verminderen van spanningen.

Vraag 14

Kunt u deze vragen een voor een en binnen twee weken beantwoorden?

Antwoord

De vragen zijn zo spoedig mogelijk beantwoord.

[1] Reuters, 28 september 2020, 'Turkey deploying Syrian fighters to help ally Azerbaijan, two fighters say'. (https://www.reuters.com/article/armenia-azerbaijan-turkey-syria-int-idUSKBN26J258); The Guardian, 28 september 2020, 'Syrian rebel fighters prepare to deploy to Azerbaijan in sign of Turkey’s ambition'. (https://www.theguardian.com/world/2020/sep/28/syrian-rebel-fighters-prepare-to-deploy-to-azerbaijan-in-sign-of-turkeys-ambition)

[2] Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2019-2020, nr. 1917

[3] Reuters, 30 september 2020, 'Macron criticises Turkey's "warlike" rhetoric on Nagorno-Karabakh' (https://www.reuters.com/article/armenia-azerbaijan-france-int-idUSKBN26L19T)

[4] Twitter, 1 oktober 2020, AFP News Agency. (http://twitter.com/AFP/status/1311660691745501192)

[5] Human Rights Counsil, 14 augustus 2020, 'Report of the Independent International Commission of Inquiry on the Syrian Arab Republic'. (te raadplegen via: https://t.co/S4afMaBYxK)

[6] Reuters, 30 september 2020, 'Macron criticises Turkey's "warlike" rhetoric on Nagorno-Karabakh' (https://www.reuters.com/article/armenia-azerbaijan-france-int-idUSKBN26L19T)

Antwoord op

De inzet Syrische rebellen door Turkije in oorlog om Nagorno-Karabach (2 Oktober 2020)
Reactietijd: 31 dagen

Indiener

Stef Blok (VVD)


Gericht

Martijn van Helvert (CDA)

Joël Voordewind (CU)

Pieter Omtzigt (Lijst Omtzigt)


Access ( 17842 )

Publicatiedatum
2 November 2020




Gerelateerd

© 2017-2021 Tweedemonitor

Contact: Info [at] tweedemonitor.nl