Tweedemonitor / Kamervraag / Antwoord op vragen van het lid Van Rooijen over de doorrekeningen van het Klimaatakkoord



Antwoord op vragen van het lid Van Rooijen over de doorrekeningen van het Klimaatakkoord

Keywords:
Zaaknummer: 2019D15346

Geachte Voorzitter,

Hierbij stuur ik u, mede namens de minister-president de antwoorden op de vragen van het lid Van Rooijen (50PLUS) over de doorrekeningen van het Klimaatakkoord, ingezonden op 20 maart 2019 (kenmerk 2019Z05471). Hiermee geef ik ook invulling aan mijn toezegging over een toelichting op de discontovoet uit het debat over het Klimaatakkoord van 14 maart (ID2077).

Eric Wiebes

Minister van Economische Zaken en Klimaat


2019Z05471

1
Bent u bekend met het feit dat er volgens de doorrekening van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gerekend wordt met een "maatschappelijke discontovoet" van 3%?

Antwoord

Ja.

2
Klopt het dat de klimaatinvesteringen, zoals omschreven in de doorrekening van het PBL, gebonden zijn aan restricties waardoor deze investeringen veel minder gespreid kunnen worden dan beleggingen door pensioenfondsen?

Antwoord

In algemene zin klopt het dat pensioenfondsen kunnen beleggen in meer categorieën dan klimaat en in andere landen dan Nederland en derhalve meer spreiding kunnen bewerkstelligen.

3
Klopt het dat de risico's bij beleggingen met veel restricties en weinig spreiding doorgaans groter zijn dan bij beleggingen met minder restricties en veel spreiding? Zo nee, kunt u dit toelichten?

Antwoord

Het klopt dat dit doorgaans het geval is.

4
Kunt u toelichten waarom het volgens u toch logisch is dat er bij klimaatinvesteringen gerekend mag worden met een maatschappelijke discontovoet van 3%, terwijl pensioenfondsen moeten rekenen met een risicovrije discontovoet van om en nabij 1,5%?

5
Kunt u cijfermatig toelichten waarom er is gekozen voor een maatschappelijke discontovoet van 3% voor klimaatinvesteringen? Waar is dit getal op gebaseerd?

Antwoord 4 en 5

Bij berekening van de nationale kosten van het Klimaatakkoord rekent het PBL met de maatschappelijke discontovoet, zoals vastgesteld door het kabinet (Kamerstuk 29 352, nr. 6) op basis van het advies in het rapport van de Werkgroep discontovoet 2015 ten behoeve van het uitvoeren van maatschappelijke kosten baten analyses (MKBA’s). Deze bedraagt 3%. De maatschappelijke discontovoet bestaat uit twee aspecten: een reële risicovrije kapitaalmarktrente (0 procent) en een risicopremie (3 procent). [1] Deze risicopremie is geschat op basis van gemiddelde vereiste rendementen voor een brede portefeuille van investeringen in de economie. Deze maatschappelijke discontovoet kan worden opgevat als de rendementseis die vanuit maatschappelijk oogpunt aan een publieke investering moet worden gesteld. Het gebruik van de discontovoet geeft dus inzicht in de vraag of een publieke investering vanuit een maatschappelijk oogpunt voldoende loont.

Pensioenfondsen gebruiken de discontovoet niet voor een MKBA. De discontovoet die door pensioenfondsen wordt gehanteerd wordt gebruikt voor het beantwoorden van een andere vraag, namelijk of pensioenfondsen voldoende geld in kas hebben om hun verplichtingen na te komen. Daarvoor moeten we de marktwaarde van de bezittingen van een pensioenfonds vergelijken met de marktwaarde van de verplichtingen op hetzelfde moment in de tijd. De discontovoet wordt gebruikt om te bepalen wat vandaag de marktwaarde is van de toekomstige verplichtingen die een pensioenfonds heeft. Dit is een waardebepaling in plaats een maatschappelijke rendementseis. Voor een toelichting waarom de risicovrije rentetermijnstructuur de passende discontovoet is voor dit waarderingsvraagstuk, verwijs ik naar de brief die de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op 27 september 2018 aan uw Kamer heeft gestuurd. [2]



[1] Een uitgebreide toelichting kunt u vinden in het rapport van de werkgroep discontovoet wederom bij Kamerstuk 29352, nr. 6.

[2] Kamerstuk 32 043, nr. 424.

Antwoord op

De doorrekeningen van het Klimaatakkoord (20 Maart 2019)
Reactietijd: 22 dagen

Indiener

Eric Wiebes (VVD)

Mark Rutte (VVD)


Gericht

Martin van Rooijen (50Plus)


descriptionAccess ( 8563 )

Publicatiedatum
11 April 2019



Gerelateerd

De doorrekeningen van de subsidie op elektrische auto’s

Het Revnext-model voor de stimulering van elektrische auto's, de merkwaardige aanbesteding, de uitkomsten van dit model en het feit dat TNO de staatssecretaris weerspreekt

De opvatting van het financieel stabiliteitscomite over het klimaatakkoord en over de niet gepubliceerde achtergronddocumenten van het klimaatakkoord

De totstandkoming van de bizar lage raming van de kosten voor verlaagde bijtelling in het ontwerp-Klimaatakkoord

Het artikel ‘Industrie vreest streep door waterstofambities Klimaatakkoord’

De doorrekeningen van het Klimaatakkoord

Het bericht 'Groene banen illusie – TNO blijkt te optimistisch te zijn geweest over effecten klimaatakkoord'

De kabinetsplannen over het klimaatbeleid

© 2017-2020 Tweedemonitor

Contact: Info [at] tweedemonitor.nl