Tweedemonitor / Kamervraag / Antwoord op vragen van de leden Van Nispen en Karabulut over de Nederlander die mogelijk 33 jaar ten onrechte vastzit in de VS



Antwoord op vragen van de leden Van Nispen en Karabulut over de Nederlander die mogelijk 33 jaar ten onrechte vastzit in de VS

Keywords:
Zaaknummer: 2017D31249

Antwoorden van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Minister voor Rechtsbescherming, op vragen van de leden Van Nispen en Karabulut over de Nederlander die mogelijk 33 jaar ten onrechte vastzit in de VS



Vraag 1 Wat is uw reactie op de aantijgingen dat de Nederlandse overheid de heer J.S. in de steek laat? Kunt u ingaan op de gang van zaken zoals beschreven in de verschillende berichten? 1)


Antwoord op vraag 1
Voor zover er van dergelijke aantijgingen sprake is, spreek ik deze tegen. Ik verwijs u daarvoor naar mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van uw Kamer van 21 juli 2017 met kenmerk 2017Z10547.

Vraag 2 Hoe komt het dat de heer J.S. jarenlang geen consulaire bijstand heeft gekregen, terwijl u herhaaldelijk heeft aangegeven dat dit wel het geval is geweest?


Antwoord op vraag 2
Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft aan de heer J.S. sinds aanvang van zijn detentie de reguliere consulaire bijstand verleend. Ik verwijs u naar mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van uw Kamer van 21 juli 2017 met kenmerk 2017Z10547.

Vraag 3 In antwoorden op eerdere vragen staat vermeld dat het vertrouwensrapport zich vooral richtte op de mogelijkheden en kansen van eventuele vervolgstappen in de zaak van de heer J.S. en in mindere mate op eventuele onvolkomenheden in de gevolgde rechtsgang, maar wat is er met dit rapport gedaan? 2) Tot welke vervolgstappen heeft dit advies van de vertrouwensadvocaat geleid?


Antwoord op vraag 3
Ik informeerde uw Kamer over het vertrouwensrapport onder meer in mijn brief van 17 februari 2016 (30 010, 26), waarbij tevens het vertrouwensrapport vertrouwelijk ter inzage is gelegd aan de leden van uw Kamer. Voor verdere achtergronden verwijs ik u naar mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van uw Kamer van 21 juli 2017 met kenmerk 2017Z10547.

Vraag 4 Hoe komt het dat uit een Wob-verzoek van de Volkskrant is gebleken dat dit vertrouwensrapport niets voorstelde en een woordvoerder van uw ministerie dit bovendien toegeeft, terwijl in antwoord op eerdere vragen wordt gedaan alsof er een volledig rapport lag? 2)


Antwoord op vraag 4
Het onderzoek leverde weinig op, hetgeen ik uw Kamer meedeelde in mijn bovengenoemde brief van 17 februari 2016. De leden van uw Kamer hebben daarbij zelf kennis kunnen nemen van de inhoud van het vertrouwensrapport; het rapport werd met voornoemde brief ter inzage gelegd aan de leden van uw Kamer.

Vraag 5 Wat is uw reactie op de opmerking dat de ministeries van Veiligheid en Justitie en van Buitenlandse Zaken het onderling oneens zijn? Waar gaat deze onenigheid volgens u over en hoe wordt of is deze opgelost? Kan in het antwoord de situatieschets van de Volkskrant worden meegenomen, namelijk dat de consulgeneraal in San Francisco ervoor pleitte om de heer J.S. naar Nederland te halen terwijl de directeur Beleidsondersteuning van het ministerie van Veiligheid en Justitie het overplaatsingsverzoek afwees? 3)


Antwoord op vraag 5
Zoals aangegeven in mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van uw Kamer van 21 juli 2017 met kenmerk 2017Z10547 heeft vóórdat de brief van 23 juli 2015 aan de Amerikaanse autoriteiten is verzonden, uitvoerig onderzoek plaatsgevonden waarbij alle beschikbare informatie, waaronder de informatie van het consulaat-generaal in San Francisco zorgvuldig is getoetst. In de onderzoeksfase is op verschillende momenten discussie gevoerd over de vraag of de heer J.S. op humanitaire gronden naar Nederland zou kunnen worden overgebracht. Zoals ook is aangegeven in antwoorden op eerdere Kamervragen1 is na toetsing aan de geldende regelgeving en het geldende beleid het ministerie van Veiligheid en Justitie tot de conclusie gekomen dat het Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen (Vogp) en de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (Wots) geen basis bood voor overbrenging, ook niet op humanitaire gronden.

Vraag 6 Wat is uw reactie op de opmerking dat het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft laten weten dat niet de ambtenaren verantwoordelijk zijn voor het beleid, maar de toenmalige minister Van der Steur? Wat wordt hier nu precies mee bedoeld?


Antwoord op vraag 6
Hiermee wordt bedoeld dat, de brief van 23 juli 2015 aan de Amerikaanse autoriteiten niet eerder is verstuurd dan nadat de toenmalige Minister van Veiligheid en Justitie met de lijn van de reactie en dus met de beslissing om in overeenstemming met het beleidskader te reageren richting de Verenigde Staten, had ingestemd.

Vraag 7 Vraagt u nog steeds aandacht voor de detentie van de heer J.S. bij de Amerikaanse autoriteiten? Zo nee, waarom niet? Wat is uw insteek bij deze verzoeken en hoe wordt daarop in de Verenigde Staten gereageerd?
Antwoord op vraag 7
Ja, onder meer laatstelijk door een lid van het Nederlandse kabinet op 24 mei 2017 in Californië op politiek niveau. Ook bij komende gelegenheden zal dit weer worden gedaan.

Vraag 8 Ziet u nog steeds geen enkele mogelijkheid om de heer J.S. naar Nederland over te plaatsen? Kunt u uw antwoord uitgebreid toelichten? Kunt u daarbij de mogelijkheid meenemen dat Nederland de straf van de heer J.S. overneemt, zodat hij een beroep kan doen op resocialisatie en gratie?


Antwoord op vraag 8
Ik benadruk hier dat de Amerikaanse autoriteiten nooit een officieel verzoek tot overdracht van de tenuitvoerlegging van het strafvonnis van de heer J.S. hebben gedaan, zoals reeds was vermeld in antwoorden op eerdere Kamervragen2 . Thans bereidt PrisonLAW voor de heer J.S. nieuwe verzoeken (parole en herziening) aan de Amerikaanse autoriteiten voor. Zodra deze verzoeken voorliggen en de heer J.S. en PrisonLAW van mening zijn dat daarbij Nederlandse steun weer dienstig kan zijn, zal het ministerie van Buitenlandse Zaken, binnen de mogelijkheden die de consulaire diplomatie daartoe biedt, deze verzoeken weer ondersteunen. Op dit moment zijn er evenwel nog geen nieuwe verzoeken gereed en aanhangig. Na een eventuele vrijlating van de heer J.S. staat het hem vanzelfsprekend vrij naar Nederland terug te keren. In dat geval kan het ministerie van Veiligheid en Justitie de heer J.S. ook in vrijwillig kader actief ondersteunen bij zijn resocialisatie.

1) https://www.volkskrant.nl/buitenland/overheid-faalde-in-bijstand-aan-nederlander-die-inVerenigde Staten-vastzit~a4506421/ en https://www.volkskrant.nl/buitenland/hij-zit-al-33- jaar-vast-in-de-Verenigde Staten-waarschijnlijk-onterecht-de-nederlandse-overheid-laatjaitsen-in-de-steek~a4506326/?hash=8c62a0a62978e23fc06994ac0e182fbcc746ad26
2) Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2015-2016, nr. 716, vraag en antwoord 8.
3) https://www.volkskrant.nl/buitenland/hij-zit-al-33-jaar-vast-in-de-Verenigde Statenwaarschijnlijk-onterecht-de-nederlandse-overheid-laat-jaitsen-in-de-steek~a4506326/? hash=8c62a0a62978e23fc06994ac0e182fbcc746ad26

Indiener

Halbe Zijlstra (VVD)


Gericht

Michiel van Nispen (SP)

Sadet Karabulut (SP)


Access ( 538 )

Publicatiedatum
7 November 2017



Gerelateerd

Herindelingen in het algemeen en de herindeling Groningen, Haren, Ten Boer in het bijzonder.

Een oppositieleider die vastzit in een Tadzjiekse gevangenis

Het bericht dat de Koning ten onrechte subsidie ontvangt voor Kroondomein het Loo

Het bericht ‘Nederlander in buitenland moet op pad voor extra check DigiD’

De oorzaken van droogte en de gevolgen voor de natuur

Achterblijvende lonen

Het bericht dat jongeren vaak ten onrechte worden opgesloten in isoleercellen

Het bericht ‘Koning krijgt ten onrechte subsidie voor het Loo’

© 2017-2021 Tweedemonitor

Contact: Info [at] tweedemonitor.nl